Met het stimuleren van het ruimtelijk inzicht moet zo vroeg mogelijk begonnen worden. Het is een belangrijke voorwaarde voor het leren lezen, schrijven en rekenen. De opdrachten uit wie-waar-wat-waarheen? stimuleren de oriëntering in de ruimte in het tweedimensionale bereik. Ze zijn levendig en leuk gemaakt en begeleiden de sympathieke trol Wolterpolter en zijn broertjes door het jaar. Het werken met de bladen stimuleert ook vele basisfuncties, zoals concentratie- en uithoudingsvermogen en een eerste begrip van kwantiteiten.
Mogelijkheden tot inzet: dyscalculie- en legasthenietherapie, logopedie, orthopedagogie, in groep 1 en 2 van de basisschool. 28 werkbladen als kopieervoorbeeld A4, met oplossingen.